Ga naar hoofdinhoud

Eindtoets 4 vragen Test

Meld je alsjeblieft aan voor de cursus voordat je met deze test begint.
  1. Wat doet Erwin van de Looi als zijn elftal speelt vanuit een 1:4:4:2 vlak en het overtal in de opbouw erg gemakkelijk uitspeelt tegen een tegenstander die verdedigt vanuit 1:5:3:2 in de zone?

  2. Stel, het elftal van Erwin van de Looi bouwt op vanuit 1:4:4:2 ruit. De tegenstander zet hoog druk vanuit 1:5:3:2. De bal gaat naar de back en de vleugelverdediger van de tegenpartij stapt uit. Welke keuze moet er nu gemaakt worden volgens Van de Looi?

  3. Stel, het team van Erwin van de Looi valt aan vanuit 1:4:4:2 vlak en de tegenstander verdedigt vanuit 1:4:3:3 in de zone. De tegenstander houdt de as goed dicht. Welke speler zal het elftal van Van de Looi nu proberen te bereiken?

  4. Wat moeten de backs doen als het elftal van Erwin van de Looi opbouwt vanuit 1:4:4:2 vlak en de tegenstander hoog druk zet vanuit 1:4:3:3?

Terug naar:Eindtoets 4 vragen